Uit
DE ZEGENINGEN VAN EEN CULTUREEL PLURALE KERK
door Pieter van Kampen, voorganger van de Nederlands Gereformeerde Kerk van Wageningen en programmamaker bij de Evangelische Omroep:
"... Nog meer dan de Afrikanen zijn de Aziaten een mengeling van erg uiteenlopende rassen, met een bijbehorende mix van culturen en geaardheden. Hoe kun je Arabieren nu met Chinezen vergelijken? Hebben Indiërs en Indonesiërs wat gemeen of zijn ze net zo verschillend als Aziaten en Europeanen? Ondanks deze twijfels zal ik een paar zaken die me troffen aan de orde stellen.
In de eerste plaats moet ik melden dat mijn hart voor christenen in Azië klopt als nergens anders! Ik weet niet waar dat vandaan komt. Vooral voor Indiërs en Nepalezen ben ik jaren geleden in een voor mijzelf onbegrijpelijke, maar ongeneeslijke liefde ontbrand! Ik voel me met die cultuur zo intens verbonden dat het, naar ik veronderstel, door de Heer zelf zo in me is gelegd. Een erg objectief beeld van Aziaten kan men daarom van mij niet verwachten. Wat heb ik er in afgrijselijke armoede veel menselijke waardigheid ontmoet!
India associeer ik nog steeds met kalmte en tolerantie. Op de grote zijmuur van een theologische opleiding in Pune, waar ik vijf weken les gaf, stond een tekst uit Efeziërs 4:15: Speaking the truth in love. In die zee van hindoeïsme - zo'n 900 miljoen mensen! - moet men als kleine minderheid (van pakweg dertig miljoen) de waarheid blijven zeggen, tegenover de verstikkende tolerantie van de meesten in! De waarheid die in Christus is. Tegenover al die andersgelovigen moet men dat niet in hoogmoed of arrogantie, maar in nederigheid en vooral in liefde doen. Het is een evenwicht dat Indiase gelovigen daadwerkelijk weten te vinden.
Daar denk ik aan bij Indiase christenen. Mijn herinneringen aan bijeenkomsten daar worden verder gestempeld door hun zeer aanwezige vriendelijkheid en gastvrijheid. De eerste keer dat ik er preekte, dook iemand achter een gordijntje en kreeg ik een bloemenkrans omgehangen, zoals ook vooraanstaande buitenlandse gasten van de regering ontvangen, en zoals ook om hun godenbeelden hangen. Het was best lastig preken als 'eenpersoons bloemencorso'. Ik heb hem - met hun permissie - dus vrij gauw afgelegd, maar ik had hem niet graag gemist!
Aan eerbied voor God denk ik ook. Grote indruk maakt(e) de sfeer van diepe eerbied, als Indische broeders en zusters gaan bidden. De vrouwen, die bijna altijd afgescheiden van de mannen zitten, trekken de sluier van hun sari, dat prachtige veelkleurige kledingstuk, over het hoofd. Ze spreken met hun handen en ogen, met hun totale lichaamstaal, intense eerbied voor God uit.
Of dat geknield bidden: een half uur op je knieën in een heel krappe ruimte. Ik kreeg prompt kramp in mijn kuiten en dacht: Van Kampen, dat doe je niet veel!
Die momenten, als er zo'n ritseling van ter hoofd genomen zijde of katoen door de ruimte waart, associeer ik met de bijdrage van de Indiërs aan de wereldkerk. Vreemd wellicht, omdat ik niet uit een milieu kom waar men speciale voorkeur heeft voor teksten waarin vrouwen 'met gedekten hoofde' moeten bidden. Maar toch: die eerbied, daar denk ik dan aan!
Ook bij de Nepalezen denk ik - terecht of ten onrechte - aan hun bidden. Ik weet niet of hun gebedspraktijk in Azië uniek is, maar ik heb het alleen daar zo mee gemaakt. Als christenen gaan bidden is het niet alleen de voorganger die bidt, of de oudsten, nee, dan bidt iederéén! Iedereen zit op de grond (het kan overigens zijn dat jij als buitenlander de enige stoel in de ruimte aangeboden krijgt), de sluiers zijn op hun plaats en ieder in de vaak vrij kleine ruimte heft de handen op en dan gebeurt het! Het priesterschap van alle gelovigen treedt in werking. Op hetzelfde moment verheffen alle gemeenteleden hun stem tot God en roepen luidkeels (!) en gedreven de Almachtige aan. Het effect lijkt het meest op het gezang in een kerk op Urk, waar de voorganger op de kansel bijna tegen een storm van gezang kan aanleunen! ..."